Feedback

Willem Kromhout

10-05-1864 - 22-06-1940

Willem Kromhouts oeuvre wordt heden ten dage minder gewaardeerd dan tijdens zijn leven. Zijn invloed op de twintigste-eeuwse architectuur wordt als marginaal beschouwd, maar door tijdgenoten werd hij in een adem genoemd met illustere collega's als Hendrik Berlage en Karel de Bazel.

Gebouwd heeft hij niet veel. Van de ongeveer vijftig grote ontwerpen, werd slechts de helft gerealiseerd. Zijn scheppingen waren een groots gebaar, een manifest in een tijd waarin de architectuur zoekende was naar een nieuwe identiteit. Een persoonlijke visie op de waarachtige architectuur. De malaise van de achttiende- en negentiende-eeuwse architectuur wordt gekenmerkt door een periode van zelfonderzoek, die soms resulteerde in een orgie van louter decoraties, aldus Retera in zijn monografie van Kromhout.

Aan het voornoemd driemansschap wordt de oplossing van het stijl-dilemma toegeschreven: Berlage, de rationalist, De Bazel, de wijze klassicist en Kromhout, de fantast. Kromhout '...wiens passie het bouwen van droomen [was]' maakte ontwerpen zonder zich te laten beperken door enig dogma. Hoewel hij een gedegen opleiding had genoten - hij was bovendien een veel bereisd en belezen man - verraadde hij nergens te dwepen met de een of andere grootmeester uit het verleden. Van collega-architecten kreeg hij veelvuldig bijval omdat zij in Kromhout een vrijheidsstrijder zagen.

Maar de overdaad aan architectonisch schoon geweld en het bewust onthouden van enig referentiekader, maakte de ontwerpen exclusief en duur. Te duur voor de meeste Hollandse opdrachtgevers. Toen zijn ontwerp voor een kantoorgebouw van de Steenkolen-Handelsvereeniging te Rotterdam werd afgewezen verzuchtte hij dat dat waarschijnlijk was omdat '...begrooting en toren weer te hoog waren'. Dit is de belangrijkste reden waarom Kromhout zo weinig daadwerkelijk gebouwd heeft. In 1920 vroeg de Gemeente Rotterdam een ontwerp voor een monument ter nagedachtenis van de overleden directeur van Publieke Werken G.J. de Jongh. De Gemeenteraad stelde het budget op 70.000 gulden. Kromhout leverde een ontwerp in met een begroting van 350.000 gulden.

Het thema van Kromhouts meeste gebouwen was 'monumentaliteit'. Gebouwen moesten representativiteit uitstralen. Hij had een voorliefde voor torens. Hij gebruikte duren materialen zoals natuursteen en uitheemse houtsoorten, zelden nieuwe materialen zoals beton, maar was een virtuoos in het gebruik van volumineuze bakstenen partijen, waardoor hij ook wel als de vader van de Amsterdamse School wordt beschouwd. Een predikaat waar hij zelf niet blij mee was, alhoewel hij een groot liefhebber was van deze jonge stijl.

Kromhout dweepte weliswaar met niemand, maar prees tijdgenoten die zich inzetten voor vooruitstreving. De kritiek op Pierre Cuypers, als zou diens enige bijdrage de herintroductie van de gotiek zijn geweest, verwierp hij en hij prees diens rationaliteit. Hij prees De Bazel om zijn monumentaliteit en J.L.M. Lauweriks om zijn vindingrijkheid. Als architectuurdocent was Kromhout de leraar van onder andere Luthmann, J. Zwiers, J.J.P. Oud, Van der Vlugt en Van Eesteren. Deze laatste twee waren ook werkzaam op zijn bureau. De stedebouwer Van Traa was zijn schoonzoon.

Kromhout ontwierp veel verschillende onderwerpen zoals hotels, restaurants, woonhuizen, kantoorgebouwen en een fabriek, ziekenhuizen, het interieur van een schip, restauratieprojecten en stedebouwkundige plannen.

Comments

No comments on this designer yet.

Search